Minnertsgaaster op sigarenbandje

Nadat ik het vorige artikel over de in Minnertsga geboren schrijver en dichter Seerp Anema op dit blog had gepubliceerd, wist ik dat er nog wat miste. Ik had nog een afbeelding willen plaatsen, maar . . . . . . ik was het spoor even bijster. Bijster? Ja, want er liggen nogal wat dingen die nog een plekje moeten krijgen in mijn eigen archief. Wat het archiveren van spullen betreft loop ik hopeloos achter en daarom liggen er nog veel dossiers van Minnertsgaasters die nog aangevuld moeten worden. Van Seerp Anema trof in enkele jaren geleden wat moois aan. De beeltenis van Seerp Anema is kennelijk ooit op sigarenbandjes afgedrukt. Van wanneer deze sigarenbandjes zijn is mij niet bekend. Maar zo te zien hebben ze nooit werkelijk dienst gedaan als waar ze voor bedoelt waren. Op de bandjes staat: Vlaamse en Ned. schrijver Seerp Anema 1875 Minnertsga Bij deze serie heb ik nog een groen en een grijs exemplaar. Eigenlijk is het toch wel heel bijzonder dat deze geboren Minnertsgaaster het ook zover geschopt heeft dat er een sigarenbandje van hem is gemaakt. Mij is niet bekend of meer Minnertsgaaster het zover hebben geschopt.

Seerp Anema, dichter en schrijver (1875 – 1961)

Na het vorige artikel over prof. Anne Anema leek het mij goed om ook zijn broer Seerp Anema de revue te laten passeren. Seerp is ook geboren in Minnertsga en was dichter en schrijver. Bij mij in de boekenkast staat een roman van hem dat in 1907 is uitgegeven. In dat boek, met de titel ‘In ’s Levens opgang’ weerklinkt zijn afkomst. Minnertsga noemt hij in zijn roman Middelgum en voor Firdgum gebruikt hij Fordmarrum. De toren van Minnertsga (Middelgum) beschrijft hij als volgt: “Gespeend aan alles wat naar architectuur zweemt, verheft zich de toren als een imposante massa boven het schrale kerkhof geboomte. Voor een vreemdeling, die het dorp aan den oostkant nadert, gelijk hij de hoofdpartij van een trotschen, sombren burcht. Somber blikken zijn galmgaten ver, ver de velden over en geen lentezon lacht zoo vriendelijk, dat ze de duistre blikken van dien grijzen petrefact ook maar even vermag te verhelderen. Met de norsheid van een machtigen dwingeland, wiens heerschappij door de eeuwen onomstootelijk werd gevestigd, heerscht hij over den omtrek en zal hij daarover heerschen, tot de stem des archangels den wereldbrand inluidt. Als een sonore, diepe bas van zijn klokslag weerklinkt, stormt een krijschende kraaientroep verschrikt uit de gaten en scheuren naar buiten, de zwart geharnaste roofridderschaar, die in de duistere ruimten daarboven den gang der beschaving trotseert”. Seerp Anema is geboren 31 oktober 1875. Op 23 juni 1911 trad hij in het huwelijk met Anna Hermina Louisa Kuijper. Uit dit huwelijk werden 2 zoons geboren. Na haar overlijden (14-11-1953) is Seerp op 7-4-1955 gehuwd met Jacqueline Cornélie Adolphine du Marchie van Voorthuijsen. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren. Seerp Anema kreeg een onderwijzersopleiding in Den Haag. Na het behalen van de MO-akte Nederlands was hij enige tijd leraar en vanaf 1924 schoolopziener in de inspectie Amsterdam. Seerp Anema stond sterk onder invloed van het neocalvinisme van de gereformeerde voorman Abraham Kuyper – met wie hij een persoonlijke relatie had: zijn latere echtgenote was diens nicht – , en heeft geprobeerd op basis van diens inzichten in de esthetica een calvinistische kunstleer te ontwerpen. Hij kwam hierbij in botsing met de andere protestantse literatoren, eerst met de groep rond Ons Tijdschrift, later met die rond Opwaartsche Wegen. Zijn radicale breuk met alle contemporaine kunstopvattingen ging deze schrijvers en dichters veel te ver, terwijl hij hun op zijn beurt voortdurend halfslachtigheid verweet. Seerp was eveneens een broer van Bauke Anema die burgemeester is geweest van de gemeente Barradeel en in Minnertsga zijn residentie had. Het lijkt mij dat ik het volgende artikel maar over hem moet gaan. Zie voor meer informatie Historici.nl In de Leeuwarder Courant van 28 december 1990 stond een uitgebreid artikel over Seerp Anema. U kunt dat artikel vinden op de website De krant van toen

Prof. Anne Anema (1872-1966) geboren Minnertsgaaster

Leeuwarder Courant 6 februari 1952 Met zijn scherpe trekken, zijn schrandere, lichte ogen, zijn martiale snor en nog altijd fiere houding is prof. mr. A. Anema een markante figuur in ons parlementaire leven. Het bevolkingsregister van Barradeel (prof. Anema werd in Minnertsga geboren) liegt niet. Daar staat als zijn geboortedatum 10 februari 1872. Zondag a.s. bereikt hij dus de tachtigjarige leeftijd. Men zou hem deze eerbiedwaardige ouderdom echter nog niet geven. Aan zijn hoge leeftijd paart hij een opvallende frisheid van geest en een niet tanende belangstelling in vele nationale en internationale, vooral politieke vraagstukken. Het is altijd weer een genot deze stoere Calvinist, lid van de antirevolutionaire fractie, in de eerste Kamer, waar hij bij ontstentenis van de voorzitter menigmaal het presidium heeft bekleed, te horen spreken. Hij getuigde steeds weer van een hecht geloof in de beginselen van zijn partij. Doch nimmer heeft hij zich daardoor tot een eng standpunt laten drijven. Met brede blik en scherp inzicht behartigde hij altijd de belangen van het land. Prof. Anema bezocht het gymnasium in Leeuwarden, studeerde korte tijd in de klassieke letteren aan de gemeentelijke universiteit en aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en vervolgens in de rechten aan de Rijksuniversiteit in Leiden, waar hij in 1894 tot doctor in de rechtswetenschap promoveerde. Hij vestigde zich in deze plaats als advocaat en procureur en is later raadheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof in Amsterdam geweest. Van 1904 tot 1945 was prof. Anema hoogleraar in de juridische faculteit der Vrije Universiteit in Amsterdam. Met dankbaarheid denken velen terug aan de lessen, die zij daar van hem ontvangen hebben. Talrijke geschriften van zijn hand zagen het licht, terwijl hij ook op journalistiek gebied zijn sporen verdiend heeft. Hij is rustend lid van de Koninklijke Academie van Wetenschappen en lid van het Permanente Hof van Arbitrage. Op 20 september 1921, dus ruim dertig jaar geleden, werd hij tot lidmaatschap van de Eerste Kamer geroepen. In deze functie heeft hij veel nuttig werk verricht. Woensdag zal hij in het gebouw dier Kamer gehuldigd worden. Het initiatief daartoe is genomen door de president van de Eerste Kamer, mr. Jonkman, een comité van oud-leerlingen en een ere comité. Het zal stellig een hartelijke huldiging met een grote belangstelling worden.   NB. Prof. Anema is overleden in februari 1966 op 94-jarige leeftijd. Hij is begraven op de begraafplaats Westerveld. Voor meer informatie zie: website Parlement & Politiek

Beelden Ferniawei 1900 – 1971 achter elkaar gezet

Uit de verzameling prentbriefkaarten van Minnertsga heb ik de beelden van de Ferniawei achter elkaar gezet in een ‘filmpje’. De beelden zijn in tijdsvolgorde achter elkaar gezet en geeft zo een mooi overzicht van de veranderingen in de straat tussen 1900 en 1971. Hiernaast staat het oudste exemplaar uit de collectie. De foto is gemaakt in 1900. Onderaan een foto uit 1971. Het filmpje is op het YouTube kanaal van minnertsgavroeger geplaatst. – Klik hier – om het filmpje te bekijken.        

Glazema meester ververs en glazenmakers

De Glazema familie is al meer dan 225 jaar met Minnertsga verbonden. Al vanaf ca. 1785 heeft een deel van het nageslacht Jan Liemes of Ljummes in het dorp gewoond. Andere familietakken zijn naar Marrum, Sexbierum en Arum uitgegroeid. Hoewel ook deze familienaam – net als alle andere familienamen – bij Keizerlijk Decreet is aangenomen komt Glazema niet in de lijst voor van familienamen die in Minnertsga zijn aangenomen. Mogelijk dat de familienaam aangenomen is door Jan Liemes (Ljummes) die in 1811 vermoedelijk in Dronrijp woonde. Hij was meester verver en glazenmaker en heeft deze naam uiteraard ook voor zijn kinderen aangenomen. Zo kreeg ook zijn zoon Lieme Jans, die in Minnertsga verver was, deze familienaam. De akte van de familienaam is dus naar alle waarschijnlijkheid opgemaakt in de gemeente Menaldumadeel. Naar alle waarschijnlijkheid: want van de gemeente Menaldumadeel zijn geen registers van familienamen bewaard gebleven. Omdat de familienaam ook niet in de omringende gemeenten in de registers voorkomen, kan eigenlijk wel worden aangenomen dat de registratie akte in de gemeente Menaldumadeel moet zijn opgemaakt. De familienaam Glazema is duidelijk afgeleid van het beroep van de stamvader Jan Liemes en daarmee een zgn. beroepsnaam. Jan Liemes of Ljummes is ca. 1762 geboren. Hij huwde op 7 april 1782 in de kerk van Dronrijp met Johanna IJdes. Na haar overlijden huwde Jan Liemes met Marijke Romkes op 19 mei 1805 in de kerk van Tzummarum. Uit beide huwelijken zijn kinderen geboren, drie dochters en een zoon. Jan Liemes is een aantal keren verhuist met zijn gezin. Hij heeft gewoond in Dronrijp, Minnertsga en Tzummarum waar hij ook is overleden. Met de vrouw uit zijn eerste huwelijk heeft Jan Liemes aan de Tsjillen gewoond in het huis op de hoek: Tsjillen – Tilledyk. Het was een woning met twee kamers onder een dak die in het geheel eigendom was van Jan Liemes Glazema die in het ene kamergedeelte woonde. Naast hen woonde een zekere Gerben Hendriks die het andere kamergedeelte huurde. Op 11 maart 1796 werd het gedeelte waar Gerben Hendriks in woonde verkocht aan Rintje Harkes en Aafke Michiels. Als naast liggers van de verkochte woning werden genoemd: ten oosten de armvoogden – die daar een diaconiewoning hadden -, ten zuiden de Freule van Echten met een perceel bouwland, de verkopers ten westen en de straat ten noorden. De verkoop vond plaats onder de volgende vier condities: De palen staande tussen het verkochte hofje en het dak van de verkopers tot aan de straat, welke vierkant is, staande op de verkopers hun grond, zal de verkoper gehouden zijn om aldaar een IJperenheg te planten en niet hoger te laten opwassen dan vier en een halve voeten wel van de hoek van de gevel tot aan het land toe. De verkopers zullen geen bomen mogen planten tegen de westen muur van het verkochte, en geen latten daar tegenaan spijkeren, houdende echter de verkopers de vrijheid om een zomerhuis of loods te bouwen zo na aan de muur dat er een geule (dakgoot) […]

Aquarel dorpsgezicht 1930 in het klein

De vakanties zijn weer achter de rug, dus wordt het weer tijd om wat meer aandacht te besteden aan Minnertsga-vroeger. Het lokt ook wel weer, want de dagen beginnen alweer merkbaar korter te worden en dan zit je toch meer binnen dan dat je buiten bezig bent.  Deze zomer was ik op een markt waar overwegend verzamelaars stonden. De verzamelingen bestonden uit Brabantia producten, stripboeken, oude wekkers in allerlei soorten en vormen en prentbriefkaarten en nog veel meer. Te veel om op te noemen.  Bij één van de kramen viel mijn oog op een wel heel bijzonder klein kaartje van 70 – 50 mm. Tussen alle spullen zag ik het liggen . . . . want als oud Minnertsgaaster herkende ik het beeld op het kaartje meteen.  Dat is niet zo verwonderlijk als je zo langzamerhand ruim 350 oude prentbriefkaarten van het dorp bij elkaar hebt gezocht. Op een aantal van die oude prentbriefkaarten staat ook de oude ophaalbrug die ook op dit kaartje staat.  Het kaartje is een zogenaamd albumplaatje. Deze plaatjes werden cadeau gegeven bij bepaalde producten. De Verkade-albums zijn wel de meest bekende plaatjesalbums. Dit plaatje hoort thuis in het plaatsjesalbum van Bussink’s koekfabriek uit Deventer. In 1930 kwam het 4de deel uit dat over Friesland ging. De afbeelding is een aquarel dat door een kunstenaar is gemaakt. Detailinformatie over dit album is te vinden op http://www.boekenwerff.nl/series/plaatjesalbums/mijnland/mijnland004.htm Ik moest een paar Euro voor het plaatje betalen. Als Minnertsga-verzamelaar heb je dat er wel voorover, want zo’n kans laat je niet liggen. Een prachtige aanwinst én  . . . . . . wat kan een mens dan weer blij zijn. Mijn dag kon niet meer stuk.      Ter vergelijking van het dorpsbeeld van omstreeks 1930, heb ik er een paar prentbriefkaarten bij gezocht. De ene kaart met ophaalbrug is de situatie in 1930 en de andere kaart is van 1931. De ophaalbrug is dan vervangen door een betonnen exemplaar.

Bomen (Iepen) gerooid aan de Hermanawei

Minnertsga 5 april 1939: De mooie iepenlaan, vanaf Mooie Paal, die altijd zoo’n prachtige inrit was voor ons dorp, gaat verdwijnen. De iepziekte had hier en daar al gapingen gemaakt. Thans wordt de oostzijde langs de weg geheel omgehakt. Binnen  kroten tijd zal de weg naar den Mooie Paal geheel zonder boomen zijn. Ook de boomen aan de westzijde van het dorp en de boomenrij te Tzummarum gaat verdwijnen. Bron: Leeuwarder Courant Kort voordat de iepen gerooid zijn is deze foto (rechts) nog door een fotograaf vastgelegd. Een foto van enkele jaren later laat zien dat er geen enkele iep meer aan de Hermanawei staat. De bomen aan de westzijde, die in het krantenbericht worden bedoelt, waren de bomen aan de Ferniawei waar ook een prachtige rij van iepen stond.

Minne Vis 25 jaar in dienst van de PTT

Kom daar tegenwoordig maar eens mee aan. PTT is de afkorting voor het Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie. In Nederland was de PTT het staatsbedrijf dat voor deze taken verantwoordelijk was.  Vroeger was het zo, dat als je in dienst was van de PTT, dan was je eigenlijk je hele leven zeker dat je een baan had en dus werk en een inkomen. Maar dat is tegenwoordig wel anders! De PTT is via allerlei veranderingen in de bedrijfsstructuur uiteindelijk PostNL geworden. En bij PostNL maakt het niet uit wat je bent, moeder, vutter, student, of profvoetballer, je kunt altijd postbezorger worden zoals de reclames in de media doen geloven. Maar 25 jaar lang in dienst zijn . . . . . . voordat je het weet lig je eruit of is de naam van het bedrijf alweer verandert of is het bedrijf overgenomen of gefuseerd. Nee . . . . ten tijde van Minne Vis was dat nog anders. Hij werd op 16 januari 1903 benoemd als besteller in Winsum. Vervolgens werd hij op 16 maart 1904 postbezorger in Haulerwijk, op 1 mei 1907 werd zijn standplaats St. Jacobiparochie, en daarna op 22 mei 1911 kwam hij in Tzummarum terecht. Op 1 februari 1917 werd hij benoemd als kantoorhouder aan de Stasjonstrjitte in zijn geboortedorp Minnertsga. Rond zijn 25-jarigjubileum als PTT-ambtenaar is volop aandacht geschonken. In Leeuwarder Courant en regionale kranten werd zijn ambtsjubileum aangekondigd. En zijn familie was er ook trots op want de familie liet zelfs een advertentie plaatsen in de Leeuwarder Courant. Op 16 januari 1928 werd het ambtsjubileum van Minne gevierd in het koffiehuis van Bierma. In de loop van de dag waren er al felicitaties ontvangen via de telegraaf en per post. Familie en collega’s uit de omliggende plaatsen waren die avond naar Minnertsga gekomen om hem ook te feliciteren. Verder waren er nog vele dorpsgenoten in de zaal. De versierde zaal was geheel bezet. Het muziekkorps Oranje bracht een serenade en verschillende personen spraken Minne Vis toe en wensten hem dat hij nog vele jaren zijn functie zou blijven waarnemen. Van de dorpsgenoten kreeg hij een prachtige stoel en een klok. De avond werd, onder leiding van de heer H.C. de Jonge uit Leeuwarden met zijn voordrachten, gezellig doorgebracht.Minne is op 23-jarige leeftijd getrouwd met de toen 24-jarige Antje Mulder. Minne en Antje kregen vier kinderen. Moet Antje Mulder niet Muller zijn? Volgens de advertentie wel want daar staat toch duidelijk A. Vis-Muller. Maar volgens de huwelijksakte is het Mulder, want zij ondertekend de akte met A. Mulder. In oktober 1953 overleed Antje en in de overlijdensadvertentie staat zij met de naam Muller genoemd. Wat apart! Ik heb de geboorteakte van Antje er maar eens op nageslagen . . . en wat blijkt . . . haar vader wordt met de familienaam Mulder geschreven. Maar of hij zichzelf ook zo noemde? Vader Johannes Mulder heeft zijn kind Antje zelf wel aangegeven op het gemeentehuis, maar kennelijk is om een of andere reden de […]

Conversatie op een mooie zomerse dag in juni 1938 (vervolg)

Op donderdag 17 mei 2012 heb ik een bericht geplaatst met de titel: Conversatie op een mooie zomerse dag in juni 1938.Op dat artikel is een reactie gekomen van Dooitze Zwart. Hij wees mij erop dat de man links op de foto niet de persoon was die ik bedoelde. Hieronder de reactie van Dooitze. Volgens mij is de man rechts op de foto Johannes Jensma en de man links Gosse Jelles Vogel. Ik weet dit omdat ik rond 1995 bij Gosse Vogel in Harlingen was en hij me deze foto liet zien. Hij zei dat zijn pake hierop staat, getrouwd geweest met Romkje Vrieswijk.  Als je de kleinzoon van Johannes kent (Johannes en Griet van de Mooie Peal) kun je in de man rechts zijn gestalte wel wat herkennen. Maar misschien weet jij zeker dat Johannes links zit. Gosse Vogel was rond 1995 in het ziekenhuis geweest en zag in de Friesland Post (?) de foto. Hij herkende zijn pake hierop en vroeg aan een andere bezoeker: zou het verkeerd zijn als ik de foto uit dit blad scheur. Nee dat moet je altijd doen, zei de andere. Zo gezegd zo gedaan. Deze Gosse (op foto) overleed vier jaar later dus in juli 1942, 94 jaar oud. Hier is hij dus 90. Ook staat hij nog op de site van het BDSM’gea (Red. Bildts Documentatiecentrum) bij het jaar 1930. Hij zit dan met anderen voor de kiosk van Jan Jippes Miedema (overl. 1939) voor de Hervormde kerk. Ook staat hij nog in het boekje Lykas it wie ………… (foto 105), midden, man met ringbaard.  Tot zover mijn informatie. gr Dooitze Dooitze, bedankt voor deze aanvulling, dat maakt het verhaal completer.  Op de foto bij de kiosk vlnr: Chrisstoffel Johannes Schotanus,Jan Jippes Miedema, Goasse Vogel en Thomas de Groot.  Bron: Bildts Documentatiecentrum 

Kapper Nijholt op de film (1953)

Vlak achter het ‘Heechhout’, de hoge voetgangersbrug, stond vroeger een heel klein huisje. Hierin had Jacob Nijholt zijn salon voor Scheren en Haarsnijden, zoals dat vroeger werd genoemd. Voordat kapper Nijholt hier zijn salon in had, woonde ‘Alde’ Grytsje Koopmans (1850 – 1926) in dit huisje. Mogelijk was dit de kleinste woning die er in Minnertsga te vinden was. Volgens overlevering zou dit huisje in de Franse-tijd gediend hebben als belastingkantoor. Maar feitelijke archiefdocumenten heb ik daarover tot nu toe niet kunnen vinden. Het is vrij aannemelijk dat het een overheidsgebouwtje is geweest, want volgens de kadastrale kaarten van 1832 stond het eigendom op naam van de grietman Collot ‘d Escury. Deze grietman (burgemeester) had heel veel onroerend goed in en rondom Minnertsga in zijn bezit.  Het beschrijven van de historie van dit pand staat nog op mijn lijstje, . . . . dus wie weet komen we nog eens wat meer te weten. Het huisje werd in de volksmond ‘de pillewap’ genoemd. Jacob Nijholt werd geboren op 10 november 1900 in Leeuwarden. Hij was getrouwd met  Anna Oosterwal (1900 – 1979) die ook in Leeuwarden was geboren. Het echtpaar kreeg drie kinderen. Na het overlijden van ‘âlde’ Grytsje vestigde Nijholt zich in het pand met een salon voor Scheren en Haarsnijden. Of het echtpaar met hun kinderen ook in dit pand heeft gewoond, is niet bekend. Een aantal jaren geleden heb ik via email contacten gehad met dochter Grietje die met haar man Klaas Smid in Canada woont. Dat contact is verwatert en een paar weken terug heb ik nog eens geprobeerd weer contact te krijgen met Klaas en Grietje. Maar  . . . . tot nu toe is dat niet gelukt. Ik had graag wat meer informatie willen hebben voordat ik wat over kapper Nijholt zou schijven.  De familie Nijholt heeft in ieder geval aan de Hermanawei 28 gewoond. Naast het uitoefenen van het kappersvak was Jacob ook actief bij de toneelvereniging ‘Nocht en Keunst’ als schminker. Zie ook dit bericht – klik hier –. Op één van de oude films van de tochten van Ouden van Dagen (1953) trof ik beelden aan van kapper Nijholt in zijn salon van Scheren en Haarsnijden. De beelden zijn te zien op het Youtube-kanaal Minnertsga-vroeger – klik hier –. Zo is er weer een stukje geschiedenis tot leven gebracht.