Minne Vis 25 jaar in dienst van de PTT

Kom daar tegenwoordig maar eens mee aan. PTT is de afkorting voor het Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie. In Nederland was de PTT het staatsbedrijf dat voor deze taken verantwoordelijk was. Vroeger was het zo, dat als je in dienst was van de PTT, dan was je eigenlijk je hele leven zeker dat je een baan had en dus werk en een inkomen. Maar dat is tegenwoordig wel anders! De PTT is via allerlei veranderingen in de bedrijfsstructuur uiteindelijk PostNL geworden. En bij PostNL maakt het niet uit wat je bent, moeder, vutter, student, of profvoetballer, je kunt altijd postbezorger worden zoals de reclames in de media doen geloven. Maar 25 jaar lang in dienst zijn . . . . . . voordat je het weet lig je eruit of is de naam van het bedrijf alweer verandert of is het bedrijf overgenomen of gefuseerd. Nee . . . . ten tijde van Minne Vis was dat nog anders. Hij werd op 16 januari 1903 benoemd als besteller in Winsum. Vervolgens werd hij op 16 maart 1904 postbezorger in Haulerwijk, op 1 mei 1907 werd zijn standplaats St. Jacobiparochie, en daarna op 22 mei 1911 kwam hij in Tzummarum terecht. Op 1 februari 1917 werd hij benoemd als kantoorhouder aan de Stasjonstrjitte in zijn geboortedorp Minnertsga. Rond zijn 25-jarigjubileum als PTT-ambtenaar is volop aandacht geschonken. In Leeuwarder Courant en regionale kranten werd zijn ambtsjubileum aangekondigd. En zijn familie was er ook trots op want de familie liet zelfs een advertentie plaatsen in de Leeuwarder Courant. Op 16 januari 1928 werd het ambtsjubileum van Minne gevierd in het koffiehuis van Bierma. In de loop van de dag waren er al felicitaties ontvangen via de telegraaf en per post. Familie en collega’s uit de omliggende plaatsen waren die avond naar Minnertsga gekomen om hem ook te feliciteren. Verder waren er nog vele dorpsgenoten in de zaal. De versierde zaal was geheel bezet. Het muziekkorps Oranje bracht een serenade en verschillende personen spraken Minne Vis toe en wensten hem dat hij nog vele jaren zijn functie zou blijven waarnemen. Van de dorpsgenoten kreeg hij een prachtige stoel en een klok. De avond werd, onder leiding van de heer H.C. de Jonge uit Leeuwarden met zijn voordrachten, gezellig doorgebracht.Minne is op 23-jarige leeftijd getrouwd met de toen 24-jarige Antje Mulder. Minne en Antje kregen vier kinderen. Moet Antje Mulder niet Muller zijn? Volgens de advertentie wel want daar staat toch duidelijk A. Vis-Muller. Maar volgens de huwelijksakte is het Mulder, want zij ondertekend de akte met A. Mulder. In oktober 1953 overleed Antje en in de overlijdensadvertentie staat zij met de naam Muller genoemd. Wat apart! Ik heb de geboorteakte van Antje er maar eens op nageslagen . . . en wat blijkt . . . haar vader wordt met de familienaam Mulder geschreven. Maar of hij zichzelf ook zo noemde? Vader Johannes Mulder heeft zijn kind Antje zelf wel aangegeven op het gemeentehuis, maar kennelijk is om een of andere reden de […]
Conversatie op een mooie zomerse dag in juni 1938 (vervolg)

Op donderdag 17 mei 2012 heb ik een bericht geplaatst met de titel: Conversatie op een mooie zomerse dag in juni 1938.Op dat artikel is een reactie gekomen van Dooitze Zwart. Hij wees mij erop dat de man links op de foto niet de persoon was die ik bedoelde. Hieronder de reactie van Dooitze. Volgens mij is de man rechts op de foto Johannes Jensma en de man links Gosse Jelles Vogel. Ik weet dit omdat ik rond 1995 bij Gosse Vogel in Harlingen was en hij me deze foto liet zien. Hij zei dat zijn pake hierop staat, getrouwd geweest met Romkje Vrieswijk. Als je de kleinzoon van Johannes kent (Johannes en Griet van de Mooie Peal) kun je in de man rechts zijn gestalte wel wat herkennen. Maar misschien weet jij zeker dat Johannes links zit. Gosse Vogel was rond 1995 in het ziekenhuis geweest en zag in de Friesland Post (?) de foto. Hij herkende zijn pake hierop en vroeg aan een andere bezoeker: zou het verkeerd zijn als ik de foto uit dit blad scheur. Nee dat moet je altijd doen, zei de andere. Zo gezegd zo gedaan. Deze Gosse (op foto) overleed vier jaar later dus in juli 1942, 94 jaar oud. Hier is hij dus 90. Ook staat hij nog op de site van het BDSM’gea (Red. Bildts Documentatiecentrum) bij het jaar 1930. Hij zit dan met anderen voor de kiosk van Jan Jippes Miedema (overl. 1939) voor de Hervormde kerk. Ook staat hij nog in het boekje Lykas it wie ………… (foto 105), midden, man met ringbaard. Tot zover mijn informatie. gr Dooitze Dooitze, bedankt voor deze aanvulling, dat maakt het verhaal completer. Op de foto bij de kiosk vlnr: Chrisstoffel Johannes Schotanus,Jan Jippes Miedema, Goasse Vogel en Thomas de Groot. Bron: Bildts Documentatiecentrum
Kapper Nijholt op de film (1953)

Vlak achter het ‘Heechhout’, de hoge voetgangersbrug, stond vroeger een heel klein huisje. Hierin had Jacob Nijholt zijn salon voor Scheren en Haarsnijden, zoals dat vroeger werd genoemd. Voordat kapper Nijholt hier zijn salon in had, woonde ‘Alde’ Grytsje Koopmans (1850 – 1926) in dit huisje. Mogelijk was dit de kleinste woning die er in Minnertsga te vinden was. Volgens overlevering zou dit huisje in de Franse-tijd gediend hebben als belastingkantoor. Maar feitelijke archiefdocumenten heb ik daarover tot nu toe niet kunnen vinden. Het is vrij aannemelijk dat het een overheidsgebouwtje is geweest, want volgens de kadastrale kaarten van 1832 stond het eigendom op naam van de grietman Collot ‘d Escury. Deze grietman (burgemeester) had heel veel onroerend goed in en rondom Minnertsga in zijn bezit. Het beschrijven van de historie van dit pand staat nog op mijn lijstje, . . . . dus wie weet komen we nog eens wat meer te weten. Het huisje werd in de volksmond ‘de pillewap’ genoemd. Jacob Nijholt werd geboren op 10 november 1900 in Leeuwarden. Hij was getrouwd met Anna Oosterwal (1900 – 1979) die ook in Leeuwarden was geboren. Het echtpaar kreeg drie kinderen. Na het overlijden van ‘âlde’ Grytsje vestigde Nijholt zich in het pand met een salon voor Scheren en Haarsnijden. Of het echtpaar met hun kinderen ook in dit pand heeft gewoond, is niet bekend. Een aantal jaren geleden heb ik via email contacten gehad met dochter Grietje die met haar man Klaas Smid in Canada woont. Dat contact is verwatert en een paar weken terug heb ik nog eens geprobeerd weer contact te krijgen met Klaas en Grietje. Maar . . . . tot nu toe is dat niet gelukt. Ik had graag wat meer informatie willen hebben voordat ik wat over kapper Nijholt zou schijven. De familie Nijholt heeft in ieder geval aan de Hermanawei 28 gewoond. Naast het uitoefenen van het kappersvak was Jacob ook actief bij de toneelvereniging ‘Nocht en Keunst’ als schminker. Zie ook dit bericht – klik hier –. Op één van de oude films van de tochten van Ouden van Dagen (1953) trof ik beelden aan van kapper Nijholt in zijn salon van Scheren en Haarsnijden. De beelden zijn te zien op het Youtube-kanaal Minnertsga-vroeger – klik hier –. Zo is er weer een stukje geschiedenis tot leven gebracht.
Antje ‘bûter’ Steensma (1900 – 1991)

In de eerste helft van de 20ste eeuw kwamen er veel venters bij de deuren langs om handelswaar te verkopen. Die handel bestond meestal uit etenswaren, huishoudelijke artikelen of brandstof. Deze venters hadden niet zelf een bedrijf maar kochten de handel in. De ene vente met bakkerswaren van de plaatselijke bakker, de andere vente met knopen, elastiek, sokophouders, scheermesjes, veiligheidsspelden en meer van dat soort klein goed. Zo had ieder zijn eigen nerinkje. De venters waren zowel mannen als vrouwen en in ieder dorp waren er wel een paar te vinden. Ook in Minnertsga hebben we van die ‘sútelers’ gekend. Een daarvan was Antje Steensma (1900 – 1991) die in het dorp beter bekend was als ‘Antsje Bûter’. Antje was ongehuwd en moest zelf in haar inkomen voorzien. Ik herinner mij haar vooral in de beginjaren ’60 van de vorige eeuw. Hoe oud was zij dan wel niet? Juist ja . . . als over de zestig. ‘Antsje Bûter’ vente, zoals uit haar de bijnaam blijkt, met boter. Nou . . . . met boter; beter gezegd met margarine! Planta, Zeeuwsmeisje, Bleu Band, Wajang enzovoort. Ergens speelt bij mij nog in het geheugen om dat zij ook met koffie en thee vente, maar daar ben ik niet zeker van omdat we in Minnertsga in die tijd ook nog een ‘Antsje Koffie en thee’ hadden. Antje had alles in tassen aan haar fiets hangen waarmee ze naar haar klanten ging. Zij deed ook aan klantenbinding. Bij gezinnen met jonge kinderen kreeg de moeder des huizes bij elke aankoop een cent voor in de spaarpot van de kinderen. Zij woonde tussen de smederij van Johannes de Dijkstra en Sietse Bierma de groenteboer. Het pand bestond uit drie woningen achter elkaar met de deur aan het pad dat liep tussen Lytsebuorren en de buorren (Meinardswei). Haar vader had deze woningen gekocht van Lucas Petrus Hannema. In het voorste gedeelte – aan de buorren – woonde Antje. De middelste woning gebruikte ze als opslag voor haar goederen en de achterste woning was toen in gebruik door de smid Johannes Dijkstra die er een showroom in had met nieuwe fietsen en Solex brommers. ‘Antsje Bûter’ was een bekendheid die altijd met klompen aan op de fiets zat en een soort van Alpinopet op had. Op 12 november 1991 is zij op 91-jarige leeftijd overleden. Zij ligt begraven op het kerkhof van Minnertsga.
Conversatie op een mooie zomerse dag in juni 1938

Het is volop zomer in Minnertsga als de fotograaf van het weekblad Fan Fryske Grûn een rondgang door het dorp maakt om een geschikte foto te maken. Fan Fryske Grûn was een geïllustreerd familieweekblad dat iedere vrijdag verscheen. De fotograaf treft twee mannen aan op een bankje ergens in het dorp. De mannen hebben – zo te zien – al een aantal levensjaren achter de rug. Lopen ze tegen de tachtig? Het lijkt er wel op, hoewel . . . vroeger leken de mensen op jongere leeftijd veel ouder dan tegenwoordig. Ondanks dat het volop zomer is, zitten de mannen flink in de kleren. Een manchester broek aan, de linker persoon zelfs nog in een dikke winterjas zo lijkt het wel. Bij de foto in het weekblad is ook een gedicht geplaatst dat ons op het spoor zet dat we hier met mannen op leeftijd hebben te maken. Sterke jonkheid – mooie dromen, ’t Leven gaf ze, en heeft genomen: Veel versleet en scheen vergaan; Maar ’t verleden krijgt weer leven, Als de hand begint te beven Aan het eind der lange baan. Wat elk aan ervaring gaarde, Die na jaren won in waarde, Wiss’len zij met zacht gepraat; Al het nieuwe wordt gemeten Met wijsheid, die zij weten, En ’t verleden geeft de maat! Maar wie zijn deze mannen nu? Van de linker persoon op het bankje heb ik de naam kunnen achterhalen en die komt ook voor in mijn genealogisch onderzoek naar Minnertsgaasters. De oude man links is Johannes Kornelis Jensma, de ‘oerpake’ van o.a. Sipke, Pieter, Pietje, Trieno, Trijntje Groeneveld. Om maar even enkele nazaten te noemen. Johannes Kornelis Jensma is geboren op 25-05-1858 in Minnertsga. Johannes is overleden op 10-08-1947 in Minnertsga, 89 jaar oud. Hij trouwde, 29 jaar oud, op 25-02-1888 in Barradeel met Pietje Miedema, 19 jaar oud. Pietje is geboren op 01-01-1869 in Stiens. Pietje is overleden op 06-05-1934 in Minnertsga, 65 jaar oud. Dus . . . . . als we van juni 1938 terugrekenen naar de geboortedatum van Johannes, dan blijkt dat Johannes op de foto 80 jaar oud is. Nou, dat is ook wel te zien. Hierna staat een fragment van het nageslacht van de oude baas. Het nageslacht is omvangrijker, maar dat is wat te veel van het goede om hier in dit bericht te vermelden. Kinderen van Johannes en Pietje: 1 Cornelis Johannes Jensma, geboren op 13-05-1888 in St. Jacobiparochie. 2 Freek Johannes Jensma, geboren op 16-06-1890 in Minnertsga. 3 Frederika Johannes Jensma, geboren op 01-01-1893 in Minnertsga. 4 Mettje Jensma, geboren op 26-03-1895 in Minnertsga. 5 Stientje Johannes Jensma, geboren op 24-11-1899 in Minnertsga. 1.1 Cornelis Johannes Jensma is geboren op 13-05-1888 in St. Jacobiparochie, zoon van Johannes Kornelis Jensma (zie 1) en Pietje Miedema. Cornelis is overleden op 28-06-1974 in Leeuwarden, 86 jaar oud. Cornelis begon een relatie met Aaltje Zwager. Aaltje is geboren op 13-12-1892 in Firdgum. Aaltje is overleden op 04-10-1965 in Leeuwarden, 72 jaar oud. 1.2 Freek Johannes Jensma is geboren op 16-06-1890 […]
Bazar Groene Kruis 1937 in bewegende beelden

Midden jaren ’30 van de vorige eeuw was het bestuur van de Vereniging Het Groene Kruis in Minnertsga erg actief om een eigen wijkgebouw te realiseren. Daarvoor moest flink geïnvesteerd worden. De kosten werden toen geraamd op fl. 4.000 tot fl. 5.000. Om wat meer vaart achter de uiteindelijke uitvoering van de plannen te zetten werd een bazaar georganiseerd. De tweedaagse bazaar werd gehouden op 3 en 4 november 1937 in het gebouw van de Nederlandse Hervormde kerk. Naast de vele inwoners van Minnertsga en een grote groep vrijwilligers, werkte ook de middenstand volop mee. Zij stelden producten beschikbaar die verloot werden of men kon een gokje wagen om het gewicht te raden van een enorm krentenbrood. Twee dagen lang liep het publiek af en aan tijdens de bazaar en er werd veel gekocht. Bij diverse attracties, zoals een draaien rad en het raden van manen van poppen, werden vele gokjes gewaagd. In de vergadering van 27 februari 1938 deelde de voorzitter mee dat het bestuur van Het Groene Kruis plannen had de woning van bestuurslid Klaas van der Weide aan te kopen. De kosten voor een nieuw gebouw waren enorm hoog en het bouwfonds was bij lange na niet toereikend om de nieuwbouwplannen te kunnen realiseren op korte termijn. De mededeling van de voorzitter was daarom een aardig alternatief. Het pand, aan de Stasjonstrjitte, zou kunnen worden ingericht als wijkgebouw waarin een magazijn, consultatiebureau en hoogtezon ondergebracht konden worden. Na de pauze in deze vergadering werd de film vertoond die secretaris Johannes Hannema had gemaakt van de tweedaagse bazaar. En . . . . . laat die film nu bewaard zijn gebleven. De film is zonder geluid opgenomen want dat kon in die tijd nog niet, althans niet met de filmcamera van Hannema. De film is tientallen jaren later van commentaar voorzien door de Minnertsgaaster Bouwe de With. De film is nu gedigitaliseerd en is te zien op het YouTube kanaal van Minnertsga Vroeger. – klik hier – om de film te bekijken Bron: Bouma, G. – 100 jaar Zorg voor Zorg, Vereniging Het Groene Kruis (ISBN 90-9017575-X) Foto’s privé collectie G. Bouma
Gasmunten

Het uitzoeken van de geschiedenis van Minnertsga en zijn bewoners is mijn grote passie. Maar daarnaast probeer ik bijvoorbeeld ook alle oude prentbriefkaarten van Minnertsga te verzamelen en andere leuke curiositeiten die een duidelijke relatie hebben met het dorp. Zo kreeg ik enkele jaren geleden bij toeval een Delfts blauw klompje in bezit. Goed . . . ik moest er een paar Euro voor betalen maar dat heb je er als ‘dorpsgek’ dan wel voorover. Eigenlijk stelt het niet zo veel voor, maar het is leuk om dit soort bijzondere voorwerpen te hebben. Maar als je met de historie van Minnertsga bezig bent, dan ontkom je er niet aan dat de historie van Barradeel je ook raakt. En als je dan wat bijzonders tegenkomt wat een duidelijke relatie met Barradeel heeft, dan probeer ik dat ook in handen te krijgen. Zo ben ik ooit in het bezit gekomen van een gasmuntje van de gasfabriek die vroeger in Tzummarum stond. Zelf heb ik geen herinneringen aan een gasmuntje, maar ik wist wel van het bestaan af dat dergelijke muntjes vroeger werden gebruikt voor de gaslevering. Op geregelde tijden kwamen de meteropnemers van het elektrisch en het gas langs. Een van de gemeentelijke gasfabriek en een van de P.E.B. de leverancier van de stroom. Zij schreven niet alleen de stand van de meters op maar zij haalden ze ook leeg. Zowel naast de gas- als de stroommeter was een muntapparaat aangebracht waarin je steeds een munt moest gooien om weer een hoeveelheid energie geleverd te krijgen. Op die manier was het gas en het licht altijd betaald. De gasmunten waren van zink of messing en hadden de grootte van de huidige 50 eurocent muntstuk. In het midden kon een gaatje zitten of de rand werd onderbroken door een inkeping. Munten voor de gasmeter kon je kopen bij de meteropnemer die eens in de maand langs kwam. Wie de meteropnemer(s) zijn geweest van het gasfabriek Barradeel is mij niet bekend. Eén meteropnemer kan ik mij nog voor de geest krijgen, maar zijn naam weet ik niet meer. In de loop van de oorlogsjaren deed zich echter het probleem voor dat de energiebedrijven geen metaal meer konden krijgen om nog nieuwe munten aan te maken. En daardoor ontstond een betaalwijze die wat moderner aandeed. De zegels van de muntenkasten werden verbroken en met één muntje kon je eindeloos veel energie afnemen, gewoon door het steeds in de gleuf te gooien en het onderaan weer op te vangen. En toen zelfs de laatste munten verdwenen waren ontstond als vervanger voor de gasmunt een 2½-centstuk waar een inkeping in was gevijld of er werd een vooroorlogse stuiver gebruikt voor de stroommeter. Ook na de oorlog hebben de muntmeters nog een tijdlang hun diensten bewezen, maar geleidelijk aan verloren de meteropnemers hun baan en evolueerde het betalingssysteem tot dat wat we nu hebben: een maandelijkse termijnbetaling, een ‘student-meteropnemer’die eens in de drie jaar langs komt en een jaarlijkse, onleesbare rekening. Mogelijk dat er lezers zijn die nog […]
Bijzondere foto – ontvangst Ouden van Dagen

Eigenlijk is elke foto bijzonder. Een foto is immers een vastlegging van een bepaald beeld op een bepaald moment. En dat is per definitie al bijzonder. Daarnaast helpen foto’s je om dingen weer beter te herinneren. Dat effect heeft deze foto bij mij. Deze foto staat op internet en is te vinden via de website van de Christelijke Muziekvereniging Oranje. Ik ben zo vrij geweest de foto maar in ‘bruikleen’ te nemen om er wat achtergrond informatie bij te melden. Zo op het eerste gezicht kon ik de locatie niet plaatsen waar deze foto gemaakt is. Maar de hersencellen werken nog uitstekend en meteen werd de verbinding gelegd met mijn herinnering die ik voornamelijk aan de brug heb. Eerst even uitleg over de locatie als u die nog niet heeft kunnen traceren. De foto is gemaakt op Mooie Paal en waarschijnlijk in 1950. Het muziekkorps van Minnertsga staat hier de Ouden van Dagen op te wachten die er een dagje op uit zijn geweest. Eens per jaar werd een dagtocht voor deze mensen georganiseerd die dan allemaal in auto’s – met Minnertsgaaster chauffeurs – achter elkaar aan reden en een rit door de provincie maakten.Onderweg werd er dan op enkele plaatsten gestopt voor een kop koffie, een broodje en niet te vergeten voor de groepsfoto. De foto is waarschijnlijk vroeg in de avond gemaakt, zo rond een uur of zeven. Als de Ouden van Dagen in aantocht waren, dan ging het muziekkorps voorop richting en dorp met als eindpunt het sportveld ‘it greidsje’. Daar hield Sietse Hibma, namens de Ouden van Dagen, dan nog even een toespraak van hoe mooie dag het wel niet was geweest en dat ze veel gezien hadden onderweg. Maar . . . . even terug naar de foto en dan met name de brug. Dit was een brug met een houten brugdek en het was de toegang naar de treinstation van de NTM, de spoorlijn van Leeuwarden via Berlikum en Mooie Paal naar het eindstation St. Jacobiparochie. Mijn vader heeft een tijdlang voor de NCAB (Nederlandse Christelijke Agrarische Bedrijfsbond) contributie opgehaald bij de leden in en om Minnertsga. Dat deed hij op zaterdagmiddag. Bij de leden die niet meer in loondienst waren moest wekelijks een kwartje worden opgehaald en leden die wel in loondienst waren moest fl. 0,50 worden opgehaald. Af en toe ging ik dan wel eens mee achter op de brommer. Als de leden hadden betaald dan mocht ik het stempeltje op de lidmaatschapskaart zetten. De bewoners van dit houten tramstationsgebouw waren ook lid. Ik kan mij nog herinneren dat mijn vader en ik dan met flinke snelheid over de brug denderden. De planken van het houten brugdek rammelden dan flink omdat die niet echt stevig vast zaten. Leuk om zo’n prachtig beeld weer een terug te zien, want vanaf deze richting heb ik het stationsgebouw nog niet op een foto terug kunnen vinden. Let vooral ook het emaille reclamebord van de RVS. Een bijzondere foto bij een bijzondere herinnering. Hiernaast is het […]
Schilderende serveerster in Leeuwarder lunchroom

Een omvangrijke bron van informatie uit vroegere tijden is het archief van de Leeuwarder Courant. Zo kwam ik onlangs onderstaand bericht tegen dat volgens mij een plekje verdiend op dit blog. Leeuwarder Courant 14 november 1957 Van de vroege morgen tot de late avond is Sjoerdje Kuiken (19) bezig met kopjes. Overdag is zij serveerster in de lunchroom van de fa. Peek aan de Voorstreek, waar zij de bezoekers van kopjes koffie-met-wat-er-bij voorziet en in haar vrije tijd tekent en schildert zij, bij voorkeur kopjes. In de bakvistijd zijn er héél wat meisjes die tekenaspiraties hebben; ze krabbelen elke stukje papier vol met ranke, slanke figuurtjes en dromen ervan eens modetekenares te worden. Maar meeste verdwijnt deze liefhebberij uit de schooltijd, zodra zij aan het werk gaan – en meestentijds is het beroep heel wat prozaïscher dan zij zich hadden voorgesteld – of verkering krijgen. Bij Sjoerdje bleef niet alleen de liefhebberij, maar deze neemt nog steeds een belangrijker plaats in haar leven in. Och, de museumdirecties staan bij Sjoerdje thuis – zij woont in Minnertsga – nog niet in rijen voor de deur om te vragen of zij niet eens een expositie van het werk van dit Friese meisje mogen verzorgen. Ze zullen zelfs wanneer zij hun deskundig oog laten gaan over dit met liefde en ambitie vervaardigde werk, tal van fouten kunnen aanwijzen. De proporties deugen niet overal en het is duidelijk, dat de jeugdige schilderes een tekort aan materiaalkennis heeft. Maar dat weet Sjoerdje Kuiken zelf gelukkig allemaal best en zij pretendeert niet de begenadigde kunstenares te zijn. Ze tekent en schildert louter voor haar genoegen, hetgeen overigens niet wegneemt, dat zij probeert tot zo goed mogelijke prestaties te komen. Daarom ook volgde zij een schriftelijke tekencursus en daarom heeft zij contact gezocht met een andere amateurschilder in Minnertsga. Aanvankelijk beperkte Sjoerdje zich tot potlood- en krijttekeningen (krijt, nu ja, ook wel eens wenkbrauwstift) later ging zij over op waterverf en sedert enige tijd maakt zij ook olieverfschilderijtjes. Het kopiëren van foto’s van kinderen gaat haar vlot af en de ‘opdrachtgever’ zijn vol lof over de gelijkenis. Hier en daar boort de serveerster-schilderes haar fantasie aan door een andere achtergrond te maken en het merkwaardige is dat deze gedeelten lang niet het slechts zijn. Het zou aanbeveling verdienen, dunkt ons, wanneer Sjoerdje Kuiken haar enthousiasme en ambitie een hechte bodem van scholing kon geven. Zolang zij niet officieel les krijgt zit er maar één ding op: tekenen, tekenen en nog eens tekenen. En dat doet ze dan ook, zelfs van achter het buffet, wanneer er in de lunchroom ‘kopjes’ zitten, die het tekenen waard zijn.
Toneelvereniging ‘Nocht en Keunst’

De toneelvereniging ‘Nocht en Keunst’ is opgericht in 1937 of in 1938 op de bovenzaal van het café van Thijs van der Lei. Oprichters en leden van het eerste uur waren: – Douwe R. de Valk, voorzitter – Meester Terpstra, secretaris – Tryntsje (D.A.) van der Wal, penningmeester – Johannes Hannema, regiseur – J. Nijholt, kapper en grimeur – Bouwe de With, verlichting – Germ Laanstra, algemeen medewerker Vlnr: Kapper Nijholt, Johannes Hannema, Dirk Kuipers, Ynze de Boer, Bauke Kuipers (broer van Dirk), Siepie Vogel (dochter van Sjouke en Eva), Feitsma, Pieter van der Wal en Germ Laanstra. Zittend vlnr: Rinse de Valk, Jannigje (Jannie) Kuipers en Tsjitske de Boer.